introductie

Mijn man en ik wonen op de Hoge Veluwe. Wij hebben een halve hectare  omrasterd, onze buren wonen op kilometers afstand. Dus niemand heeft last van ons en onze dieren.

Wij hebben 1 Arabier, 1 IJslander, 2 pony’s, 1 Wetterhoun, 5 ruwhaar Dwerg Teckels en katten.

Van 1976 tot 1996 heb ik Duitse Doggen gefokt. Fantastisch lieve honden, maar helaas kwamen er steeds meer gezondheids problemen en vond ik het niet meer verantwoord om met het fokken door te gaan. We hebben intens genoten van deze geweldige honden en bewaren een warm plekje voor hen in ons hart.

Wij wilden een grote hond, die het fijn zou vinden om veel buiten te zijn en die goed zou waken. Die vonden wij in de Tibetaanse Mastiff/ Do-Khyi. Op 1 maart 1999 werd Damaru geboren. Na diverse bezoekjes om niet alleen Damaru te zien opgroeien, maar om ook heel veel van en over het ras te leren, kon ik hem begin mei ophalen. Er volgden nog 3 Tibetanen; Sang-Po, Anusha en Arag.

Tibetanen zijn fantastische honden, maar nog heel dicht bij de natuur en bij hun roots waarvoor zij in Tibet/ Nepal gefokt zijn en gehouden worden. Dat maakt hen volledig zelfstandige honden. Luisteren / gehoorzamen doen zij alleen als het hen uitkomt. Jaren vond ik dat niet erg, heb zelfs met Sang-Po en Arag diverse cursussen gevolgd en nog geslaagd ook. Maar uiteindelijk blijkt dat ik een eigenwijze hond heerlijk vind, maar af en toe gehoorzamen toch wel waardeer.

Dat vond ik in de ruwhaar Dwerg Teckel, klein, handzaam, super super vrolijk en ja als de baas het graag wil en er geen wild in de buurt is, willen ze graag luisteren. Heerlijk honden, altijd blij, knuffelig en stoer en ook geweldige (vaak te geweldige) waakhonden. Over onze Teckels elders op deze website meer.

Wij wilden graag een goede waakhond, iets groter dan de Teckel en iets handzamer dan een Tibetaan erbij.Na lang zoeken, veel lezen over diverse rassen en luisteren naar de verhalen over hun honden van eigenaren van rassen waarin wij geïnteresseerd waren, werd het de Wetterhoun, een echt Fries ras, en 26 juni 2013 kwam Jule, uiteraard elders een pagina voor haar.

Wij zijn in dit huis komen wonen 5 februari 1985 en hoorden dat er erg veel muizen waren, dus dat het verstandig zou zijn om een paar katten te nemen. Door het fokken met de doggen wist ik al dat het niet zou blijven bij het nemen van 1 of 2 katten, maar dat ik daar natuurlijk ook graag een nestje mee zou willen fokken. Dus op zoek naar raskatten. Ik wist helemaal niets van katten, ik hield van honden en paarden.

Na mij verdiept te hebben in de raskatten leek ons een ‘hondachtige kat’ het leukst en we wilden iets aparts. Dat werd de Balinees. Genetica was al een hobby en daar kon ik mij nu pas goed in uitleven. Al vóór het eerste nest wist ik dat ik Mandarin (was er toen nog niet) /Oosters halflanghaar wilde gaan fokken. Hiermee ben ik ruim 20 jaar enorm intensief bezig geweest.